Memento

Je mooiste herinnering, zegt u? Voor sommigen is negentien jaar niet lang maar, zoals mijn moeder altijd zegt; ”Je zal het maar moeten hangen”. Hoe kan ik nu zeggen dat er één ding was, één moment wat die negentien jaren samenvat? Alles heeft tot dit moment geleid. Waar ik nu ben. Mooie herinneringen, pijnlijke herinneringen; het bracht mij hier. En zou ik ergens anders willen zijn? Iemand anders willen zijn?

Toch moet het, zegt u. U bent vriendelijk. Maar dwingend. U verplicht mij terug te kijken. Om die ene parel eruit halen. Die ene vergeten parel tussen al die rotzooi. Graven, moet ik. Met mijn blote handen in het vuilnis. Wat nu ligt te rotten was ooit een belofte. Dat ik dat niet vergeet.

”Jij hebt geluk,”  zeiden ze, toen we een nieuwe woning kregen. Op zich was dat een redelijk fijn moment. De hoop op iets nieuws. Maar, zoals meneer Lee altijd zegt: ”We zullen zien.” Later bleken we in het epicentrum van een bloeiende handel in cocaïne te wonen. Dat deed iets met mijn jongste zusje. Ze stopte het spul in haar mondje, zoals driejarigen doen. Het enige dat werkelijk kon stralen en je deed vergeten dat het huis naar pis en verschraald bier stonk, doofde binnen een paar uur. De duisternis die ze achterliet was overweldigend. De stilte oorverdovend.

Zij was prachtig. En daarom kon het niet lang duren.

Daarvoor was er nog een leraar. Rond de tijd dat pa ons liet zitten. De caravan was afbetaald, dat was een geluk. Maar eten hadden we niet. Meyer, heette die man. Na schooltijd liet hij ons net zo lang in de klas blijven totdat hij zelf naar huis ging. Hij zei niets over onze blauwe plekken of de brandwonden. Maar we kregen zijn brood. Zijn rust voelde warm. Hij zag ons. Maar toen kwam die verhuizing en verdween Meyer in het verleden.

Hij was vriendelijk. En daarom kon het niet lang duren.

Mooiste herinnering? Honderdduizend. Maar ze doen pijn, snapt u? Ze maken mij niet gelukkig. Ze laten mij alleen maar voelen wat ik niet had. Nooit kon hebben. Tot aan gisteren. Of was het net, tien minuten geleden? Het moment waarop de agent denkt dat ik een wapen in mijn hand heb. En hij zeker weet dat ik het ga gebruiken. Hij weet niet dat hij mijn verlosser is. De mooiste herinnering is het moment waarop ik stierf.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *